Do you have a reservation?

Toen we door Ely reden dachten we ineens: dit komt best bekend voor… Is Eva Jinek hier niet geweest? We weten het antwoord nog niet, maakt ook niet uit, maar wel grappig dat we het dachten te herkennen. In Ely gebruiken we onze tijd weer om wat aan onze planning te doen voor de komende weken. Het lukt ons aardig om wat campingplekken bij elkaar te sprokkelen (het is echt sprokkelen, want we kijken elke dag meerdere keren in de reserveringsapp van de nationale park service en zo nu en dan kunnen we boeken wat we willen boeken). Amerika, het land van de vrijheid, van je eigen pad bewandelen, van ‘krantenjongen tot miljonair’ is ook een land dat dol is op reserveren. ‘Do you have a reservation?’ is een veelgestelde vraag. Op de bonnefooi en spontaan dingen doen is lastig. Voor de Amerikanen zelf die graag op safe spelen, maar ook dus voor toeristen. En wat het af en toe vreselijk frustrerend maakt is dat je dus niets meer kunt boeken, maar dat mensen gewoon niet op komen dagen. Een ‘now show’ is hier geen uitzondering. Dat is ok, in dit geval hoe minder mensen hoe beter, maar afzeggen is er niet bij. Dus een ander vist naast het net… Dus boeken we maar zoveel mogelijk vooruit, zoals we de afgelopen weken ook al gedaan hebben. Het haalt de spontaniteit uit je beleving, maar het reist gewoon veel makkelijker en rustiger, omdat je dan zeker bent van een plek bij een tour, camping of restaurant. Zo komen we er bijvoorbeeld achter dat Great Basin misschien niet zo’n drukbezocht park is (komt door de ligging, zeker niet door de schoonheid), maar dat de tours door de grotten op 1 tijdstip na allemaal dik volgeboekt zitten. Dus kunnen we morgen niet, maar pas de ochtend erna om 08.30 uur de tour doen. En moeten we er voor zorgen dat we morgen dus wel een plekje op de camping hebben (die zijn hier dan weer niet te reserveren), want anders rijden we ons weer het klapzuur in en uit het park en kost dat weer veel tijd. Het is soms puzzelen voor gevorderden, maar we raken er aardig bedreven in J.

Dus na een paar uurtjes planning doornemen in Ely rijden we de volgende ochtend op tijd richting Great Basin National Park. Eerst maar naar de campground om een plekje te zoeken, zodat dat we in ieder weten dat we hier kunnen slapen. Dat lukt gelukkig! Er zijn twee plekjes beschikbaar (geen vetpot). Een grote camping is namelijk dicht, omdat deze onder water staat. Ook in Great Basin komt het smeltwater met duizenden liters tegelijk naar beneden. Hierdoor is de rivier buiten zijn oevers getreden en stroomt een deel van het park onderwater, waaronder dus een grote campground. Nou, in ieder geval hebben wij een plek en dat betekent ook dat we morgenochtend onze tour door de grotten door kunnen laten gaan. Vandaag beginnen we maar aan een walk door de meadow van het park. Boven ons steken de punten van de bergen scherp uit boven de groene weide. En met al die sneeuw erop is het wel een bar gezicht. Great Basin is een bijzonder park, want op een relatief kleine oppervlakte begeef je je hier van woestijn helemaal tot Alpen hooggebergte. De hoogste piek in het park is ruim 13.000 voet hoog (dat is ruim 4000 meter). Zou je dat uitspreiden over het land dan rijd je van Nevada tot en met Montana. Het park heeft daardoor een enorme diversiteit aan planten en bomen. Ook heeft het heel veel grotten. De wandeling kunnen we niet helemaal doen, door de overstromingen, maar wat we kunnen doen is mooi. We moeten soms springen omdat het pad overstroomt is, over boomstammen klimmen om de brug over het water te bereiken en van het pad afwijken om later onze weg weer te kunnen vervolgen. De rest van de middag doen we lekker niet zo veel. We mogen de route naar het uitkijkpunt met onze camper niet rijden en een deel daarvan is ook nog dicht door de sneeuw. Het is mooi weer dus zitten we lekker buiten.

’s Ochtends op tijd op en hop naar de grotten bij het visitors center. En die zijn wel echt de moeite waard. We worden weer getrakteerd op mooie stalagtieten, -mieten, cave shields (nooit van gehoord, maar dat zijn een soort schilden om te zien), drapings en cave bacon. Aan het einde van de tour bootst de gids nog een aardbeving na. Qua geluid zouden we dat horen als er een aardbeving kwam  zouden we in de grot zijn. Dat is echt erg indrukwekkend! Een heel intens geluid. Nadat de jongens weer een eed hebben afgeleid en badge nummer 14 binnen is, rijden we door naar het Noorden van Salt Lake City, nog zo’n dikke 4 uur rijden. De omgeving van Salt Lake wordt aardig volgebouwd zien we. We hoorden al eerder dat ook deze stad erg in trek is. Dat is duidelijk te zien aan alle nieuwbouw onderweg. Na zo’n dikke 4 uur rijden komen we bij onze camping aan. Die valt niet tegen. Lekker tussen de bomen, een zwembad, super schone wc’s en douches en een speeltuin en basketbal veld voor de jongen en super snelle wifi. Eigenlijk is de keuze snel gemaakt: we blijven hier 2 nachten. Een dag lekker uitrusten voordat we 10 dagen in twee Nationale Parken zitten: Grand Teton en Yellowstone. We hebben de jongens amper gezien: die hebben bijna alleen maar gebasketbald. Het weer wordt wat minder (wat kouder, harde wind en bewolking) en wij zitten hier wel ff best. De planning wordt weer uitgebreid met nieuwe campgrounds en ideeën en zo bereiden we ons helemaal voor voor de komende weken. Onze buurman komt nog een gezellig praatje met ons maken na het eten en is niet weg te slaan. Hij heeft veel gereisd, hoort van onze wereldreis en rakelt allemaal herinneren op van vroeger :). Altijd leuk om andermans (reis)verhalen te horen. Hij is nu op weg naar Zion en Bryce met 3 kleinkinderen. Hoe leuk is dat?! Inmiddels is het vrijdag en rijden we richting Grand Teton National Park. Op zoek naar bizons, wolven, beren, elk’s en elanden. En natuurlijk mooie vergezichten, besneeuwde bergtoppen, geijers, rivieren, canyons en weides. Staten nummer 6 en 7 tikken we dan aan (na Hawaii, Florida, Arizona, Californië, Utah en Nevada), want we rijden door Idaho naar Wyoming. Yee-Haa!

Terug naar boven