Ik zag twee beren…

De camping in Grant Village laten we achter ons. We rijden vandaag richting Bridge Bay. We rijden zo ook langs het grote meer van Yellowstone. Maar eerst bezoeken we West Thumb Basin. Weer een thermaal gebied, dat aan het meer van Yellowstone ligt. Het is prachtig weer, kalm water. Super relaxt hier (ondanks de stank van de geisers en modderpoelen). Wat gaaf is aan dit basin is dat een deel van de geisers in het meer ligt. Eigenlijk is de rand van het meer een grote kratermond van de supervulkaan en hier en daar vind je grote gaten waar heet water uit komt, stoom en ander gedoe. We zijn er ook even bij gaan zitten zo rustgevend is het uitzicht op het meer.

Eenmaal in de camper terug besluiten we om weer op zoek te gaan naar wifi. We wachten natuurlijk op ons nichtje. Peter heeft zo’n voorgevoel dat het al gebeurd kan zijn en er schiet zelfs een naam in zijn hoofd die later dus kloppend blijkt! Hoezo telepathie? En gelukkig bij de Lodge bij Bridge Bay, vinden we wifi. En ja!!! We hebben een nichtje zo blijkt. We kunnen facetimen met de kersverse ouders die er mega relaxt bij zitten. Natuurtalenten. En Pien, zo heet ze, ziet er super gezond uit. Het gaat goed met hun allemaal! Wat leuk en wat fijn. Yes, we zijn oom, tante en grote neven geworden op 27 juni. Niven moet er aan wennen dat Pien ook Boon heet van haar achternaam :). Maar hij wil haar wel naar school brengen als het eenmaal zo ver is. Wij zeggen plagerig tegen hem dat hij dan 12 jaar is en er dan waarschijnlijk helemaal niet op zit te wachten om zijn kleine nichtje naar school te brengen 🙂 We gaan het zien…

Een beetje ontdaan rijden we richting onze volgende bestemming: mud vulcano. Ook hier een hoop hete modder, stank en gestoom. Toch blijft het wel boeiend om te zien allemaal. En na sulphur lake zijn we de stank wel een beetje beu en rijden we de Hayden Valley in. Hier bevindt zich als het goed is wild life. En ja! Bizons, bizons en bizons. Wat gaaf is het toch om die te zien. Dan is het halverwege de middag. We zijn gaar en rijden naar de camping in Bridge Bay. Eenmaal daar liggen er bizons op de camping! De mensen die daar een plekje in de buurt hebben, zie je toch wat vertwijfeld kijken. Overal hangen borden: do not approach the bizon… maar wat doe je dan als zo’n gevaarte op je stekkie ligt? Of even ‘langsloopt’? Wie benaderd nou wie? Als de jongens op bed liggen, gaan Peet en ik nog even wandelen. De heren bizons lopen gewoon over de camping heen. Dan zien je mensen weer hun stoelen verplaatsen, dan worden hele tafels verzet. Oeps, ja daar stond toch echt een tentje, die er nu wat minder stabiel bij staat… Lachen dit! Verderop zien we nog een groep elken met kleintjes. Die hadden we nog niet gezien!

Alweer 29 juni als we op pad gaan naar Canyon. Onderweg rijden we weer door de Hayden Valley waar we nu 100-en bizons zien! Cool! En daarna nog een zwarte beer met twee kleintjes. Ze zitten tussen de bomen, dus zijn wat moeilijk te spotten, maar de kleintjes zijn zo actief dat we toch wel wat kunnen zien van moeder en haar ukkies. Schattig! We rijden door naar Norris Basin, en gaan weer de stinklucht in. Ook hier weer prachtige bronnen en geisers. De ‘steamboat’ geiser is hier ook. Dit is de grootste geiser (hij doet zijn naam ook eer aan met al die stoom en er komt me een herrie uit), alleen ontploffen doet hij wanneer hij er zelf zin in heeft. Er is geen voorspelling over te doen. De laatste grote uitbarsting was 6 dagen geleden. Na het Norris Basin rijden we naar Canyon. Hier zijn twee onwijze watervallen te zien en een prachtige canyon. We rijden de south en north rim af en doen nog een hike naar beneden om zo dicht mogelijk bij de waterval te kunnen komen. Indrukwekkend. Eenmaal op de camping blijkt onze spot niet zo heel best. We krijgen de camper, ondanks onze levelers niet recht. En schuin eten en slapen is echt niet heel erg fijn. Ook staan we vlakbij wat aso’s die het nog nodig vinden om om 22.00 uur s’avonds met hun schreeuwende kinderen de campingrust te verstoren. Grom….

De volgende ochtend gaan we op tijd op pad. WANT we rijden naar de Lamar Valley. Dit is DE valley waar je wildlife kunt spotten. We besluiten om zonder ontbijt te gaan rijden en dan ergens daar een mooi plekkie te zoeken. Maar dat wordt al snel later, want we komen na een half uur rijden al een beer tegen! Dus hop, hut aan de kant, het dak op en kijken maar J top! Daarna doorrijden de valley in. En daar zien we uiteraard weer bizons en later ook heel veel mensen die met verrekijkers naar de bergen erachter kijken. En ja, wat blijkt. Wolven! Ze blijken een bizon kalf te pakken te hebben genomen. Zielig… zeg ik dan, maar de jongens zeggen ‘ja mam, dat is de natuur, want de wolven moet ook eten’. Ik hoor mijzelf praten, maar toch vind ik het zielig 🙁 Toch maar even ontbijten voordat we doorrijden naar onze laatste bestemming in het park, het Mammoth Springs basin. Hier zijn terrassen te zien gevormd door de geiser en alles wat zij uitspugen. En daar liggen weer allemaal elken met kleintjes. Ook schattig. Eenmaal bij de terrassen zien we een echtpaar lopen die we al eerder zagen bij de South Rim van de Grand Canyon. Vooral de man viel ons toe op, omdat hij een schat van een hond bij zich had die een ijsje at, maar dat er met dezelfde vaart weer uitkwam. Hij was druk aan het praten met andere Amerikanen, maar wat wij vooral erg aan hem konden waarderen waren zijn ‘Fuck Trump’ buttons op zijn pet en t-shirt. Nu komen we ze na een paar weken hier tegen, dus even een praatje is op zijn plaats. Wat blijkt: zijn vrouw is Nederlandse! Wij lekker kletsen. Eindelijk weer eens een leuk en goed gesprek 🙂 Bill en Ilonca heten ze, uit New York. Het is tijd om bij het visitors center een nieuwe badge te scoren. Daar raak ik weer aan de praat met een Nederlands gezin dat met hun zoon op reis is. Soms komt alles tegelijk. Dan terug naar de camping. Er zijn hier douches waar je gratis gebruik van kan maken als je op de camping staat (dat is een zeldzaamheid). Heerlijk om weer even in een gewone douche te staan (we kunnen douchen in de camper en dat gaat prima, maar het is erg klein). Ondertussen vraagt Peter of we een andere plek kunnen krijgen. En dat kan gelukkig. We staan nu veeeel beter. Rustig en recht en wat blijkt, Bill en Ilonca staan in dezelfde loop. We worden ’s avonds uitgenodigd voor een wijntje. Heerlijk om weer eens even bij te kletsen met leuke mensen.

En dan is het ochtend en zit onze tijd in Yellowstone erop. We moeten vandaag een heel eind rijden dus we gaan op tijd op pad richting Missoula in Montana. Als we het park uit rijden zien we opeens een beer langs de weg! Hij scharrelt wat rond, steekt ineens over en klimt de heuvel op. Daar gooit hij met het grootste gemak wat grote rotsen omver om te kijken of er wat lekkers onder zit. Wat een kracht hebben die beesten toch. Cool dat we die nog even zien zeg! Eenmaal bij de uitgang zien we ineens weer allemaal auto’s stilstaan. En ja! Nog een zwarte beer. Die steekt gewoon rustig het kruispunt over. Ja, hij heeft gelijk ook. Wij zijn immers te gast hier, dus we stoppen toch wel. Nou dat was een mooi cadeau van Yellowstone! Op naar Montana.

Terug naar boven